Shin splints

Het onderbeen bestaat uit 2 botstukken, het scheenbeen aan de binnen-voorzijde en het kuitbeen aan de zij-achterkant. De 2 botstukken worden verbonden door een sterke bindweefselplaat. Onderaan vormen het scheenbeen en het kuitbeen de benige onderdelen van respectievelijk binnen en buitenenkel. De botstukken worden omhuld door een dun beenvlies, dat goed doorbloed is en zeer gevoelig. Denk maar eens aan een stoot tegen de schenen. Aan het onderbeen ontspringen een aantal spieren. De diepe kuitspier, de achterste scheenbeenspier en de lange teenbuigspier zijn de belangrijkste. Al deze genoemde spieren spelen een rol bij het ontstaan van Shin-Splints, waarbij sprake is van een ontsteking van het beenvlies op de plaats van de aanhechting van de genoemde spieren aan het bot.


Waardoor wordt het veroorzaakt?

De klachten ontstaan vaak bij loopsporten waarbij de voet teveel naar binnen beweegt (overpronatie). Het dragen van ongeschikt schoeisel tijdens het lopen kan samen met het afwijkende bewegingsgedrag een oorzaak zijn.


Hoe herken ik deze klachten?

De voornaamste klacht is pijn en wordt meestal gevoeld op de onderste helft van het scheenbeen aan de binnenzijde. De pijn kan ook lager, tot aan de binnenenkel, worden gevoeld. Of hoger, zelfs tot aan de knie. De pijn is scherp van karakter en er worden 'steken' aangegeven. De pijn wordt gevoeld bij de landing en ook wel bij de afzet. Soms is het voelbaar bij het hurken. Aanraking geeft veel pijn, bv. als de benen over elkaar worden gelegd.


Wat kan eraan gedaan worden?

De podotherapeut kan naast het gebruik van podotherapeutische steunzolen de volgende maatregelen adviseren:
- Warmtetherapie
- Gedoseerde rust
- Fysiotherapie


De warmtetherapie voert u uit door dagelijks ongeveer 40 minuten een warm hotpack op de pijnlijke plek te leggen. Dit versnelt de doorbloeding waardoor afvalstoffen opgeruimd worden.
Neem op gezette tijden rust, wandel bijvoorbeeld de helft van de afstand die u normaal wandelt. Maar wandel of sport liever helemaal niet. Fietsen is een goed alternatief, hiermee belast u uw voeten aanzienlijk minder. Voor een goede lokale behandeling van de pijn kan de podoloog samenwerken met de fysiotherapeut.


Na zes tot acht weken komt u terug voor controle. Tijdens dit bezoek wordt de voortgang van uw behandeling besproken. Op basis van uw bevindingen kan de behandeling dan eventueel aangepast worden.